E&E 1788

 

5521283-0.large.jpg
5521283-1.large.jpg
5521283-2.large.jpg
5521283-3.large.jpg
5521283-4.large.jpg
5521283-5.large.jpg
5521283-6.large.jpg
5521283-7.large.jpg
5521283-8.large.jpg
5521283-9.large.jpg

Percy geeft aan dat hij in Bree is geland maar dat was eigenlijk op de grens van Heusden en Koersel in een weiland.

Het moment dat hij in Heusden een noodlanding maakte bevond hij zich nog net in vijandelijk gebied. Die dag zou Heusden ook bevrijd worden.

Aan de hand van de gegevens die ik heb en van enkele intervieuws die ik heb gedaan heb ik getracht een reconstructie te maken van de dag dat Percy een noodlanding maakte.

Verslag van Percy Bingham:

Tijdens een rhubarb (aanval van een klein aantal vliegtuigen op gronddoelen) werd mijn toestel geraakt door Flak (luchtafweer) boven Giessen, Duitsland. Ik ondervond geen onmiddellijke schade. Doch enkele ogenblikken later begon de motor warm te lopen. Wat later kwam er een enorme rook uit de motor en liep deze vast.

Inmiddels had ik reeds koers gezet naar bevrijd gebied. Ik weet nog dat ik het gebied van Namen binnenvloog, maar mijn vlieghoogte werd te gering om mijn vlucht verder te zetten. Daarom besloot ik een noodlanding te maken en zocht hiervoor een geschikte landingsplaats.

Ik zag een grote open vlakte naast een spoorweg. Toen ik mijn vliegtuig evenwel aan de grond wilde zetten, raakte de linkervleugel een rij bomen en brak af. Daarna boorde de rechtervleugel zich in de grond en enkele tientallen meters verder stond ik stil. Ik werd tijdens dit ganse gebeuren als bij wonder niet gewond!

Vermits ik niet zeker was dat ik mij in bevrijd gebied bevond, heb ik volgens de normale procedure de boorddocumenten vernietigd.

Daarna begaf ik mij naar de spoorweg en tot mijn grote verbazing merkte ik Duitse activiteiten op! Ik keerde onmiddellijk op mijn passen terug en begaf mij naar een nabij gelegen bos. Daar bemerkte ik een jonge man die mijn activiteiten van op afstand gade sloeg. Ik ging naar hem toe en trachtte hem duidelijk te maken dat ik een Amerikaans piloot was en dat ik de piloot was van het toestel dat hij net had zien neerkomen. Klaarblijkelijk begreep hij mijn bedoeling en hij nam me mee.

We kwamen aan bij een boerderij en ik stapte binnen met de man. Hij deed een lang verhaal aan een oudere man waarvan ik vermoedde dat het zijn vader was. Ik werd aangemaand om verder te gaan in een kleinere achterruimte. We terachtte nog wat te converseren maar die brave mensen verstonden helemaal niks van wat ik vertelde. Even later kreeg ik wat te eten en daarna werd ik naar een schuur gebracht waar ik de nacht doorbracht.

De volgende dag kreeg ik burgerkledij en de man die mij geholpen had deed mijn vliegerjas en laarzen aan wat ik eigenlijk niet zo verstandig vond. Toen heb ik hem ook mijn dogtag (identificatieplaatje zie foto's) en een ontsnappingsfoto gegeven.

Diezelfde dag werd er een man naar mij toegebracht. Hij begon in gebrekkig engels tegen mij te praten. Hij vertelde mij dat hij een priester was en Hendrik Byloos heette (Geenreyd 49, Heusden) en dat ik mij bij Casemir Bervoets bevond (Dijkstraat 9, Heusden). Verder vertelde hij me ook dat de geallieerden zich op enkele honderden meters van ons bevonden en dat de meeste Duitsers zich reeds hadden teruggetrokken.

De volgende dag werd mij verteld dat de geallieerden het dorp Beringen hadden bevrijd. Casemir zou mij naar een Britse hoofdpost brengen. Doch toen wij onderweg waren ontstond opeens een vuurgevecht tussen enkele Duitsers die zich verscholen hielden en Britse soldaten. Op dat ogenblik ben ik Casemir uit het ogen verloren en wij hebben toen 15 Duitsers gevangen genomen. De Britse militairen hebben mij daarna in hun hoofdkwartier ondervraagd. Enkele uren later werd ik op een transport gezet naar Brussel van waaruit ik terug naar Engeland werd overgevlogen op 9 spetember 1944

Mijn helpers wisten mij ook nog te vertellen dat het vliegtuig nooit door de Duitsers is onderzocht geweest.

Ik wil van de gelegenheid ook nog gebruik mpaken om de familie Bervoets te bedanken voor hun hulp en ik zal hen nooit vergeten. Bovendien heb ik hen ook nog mijn burgeradres in Amerika gegeven.

 

Verslag opgemaakt,

                   10 september 1944

           Ondertekend,  Pery Bingham

 

 

 

Verslag van Casemir Bervoets.

OP 6 september 1944, even na de middag, hoorde ik een vliegtuig naderen op lage hoogte. Ik woonde toen in Dijkstraat 9 in Heusden. Tot mijn grote verbazing zag ik opeens twee toestellen naderen waarvan er blijkbaar één in moeilijkheden verkeerde omdat het snel hoogte verloor. Even later drong het tot mij door dat dit toestel een noodlanding wilde maken. Ik snelde naar de vermoedelijke landingsplaats, dat was in het gebied dat wij Hokselaar noemen, op de grens van Heusden en Koersel. Daar aangekomen zag ik tot mijn grote verbazing hoe een Amerikaans jachttoestel trachtte een noodlanding te maken in de open vlakte. Doch de piloot had de grootste moeite om het toestel aan de grond te zetten. Het landingsstel was niet naar beneden gelaten! Tijdens de landing raakte de linkervleugel enkele kleine boompjes waardoor deze vleugel van de romp afbrak. Het toestel schoof verder over de grond terwijl de rechtervleugel het toestel een kwartdraai naar rechts liet maken en tot stistand kwam. Even later zag ik de piloot uit het toestel stappen. Zijn begeleider, die nog steeds boven ons rondvloog, maakte nog een zeer lage overvlucht en verdween.

Ik hield me nog verscholen in hetstruikgewas, niet goed wetend wat te doen. Enkele honderden meters verder zaten nog Duitsers die door de bevrijders werden teruggedreven. Onze bevrijding was nog een kwestie van uren... minuten... De piloot ging terug naar zijn toestel en ik kon alleen maar veronderstellen dat hij het trachtte in brand te steken. Hij keek even om zich heen en verdween in de richting van de spoorweg, richting Beringen. Doch hij moet om een of reden wel snel zijn vergissing hebben ingezien want even later kwam hij op zij stappen terug. Hij zocht klaarblijkelijk ook naar beschutting en liep naar het struikgewas waar ik mij bevond. Plots merkte hij mijn aanwezigheid op en kwam aarzelend naar mij toe. Toen hij bij mij was sprak hij me aan in zijn eigen taal. Het enige wat ik verstond was dat hij een Amirikaans piloot was.

Ik begreep nu ook wel dat hij in groot gevaar verkeerde. Doch de Duitsers hadden nu wel andere problemen dan om zich om een piloot zorgen te maken! Daarom waagde ik het er op om hem mee naar huis te nemen.

Thuis aangekomen deed ik het verhaal aan mijn vader en hij vond het geen goed idee om een piloot te verschuilen maar hij mocht toch blijven. Met gebaren en andere gekke toestanden trachtte wij hem duidelijk te maken dat hij in goede handen was. Daarna hebben we hem een onderkomen gegeven in de schuur.

Maar wat nu gedaan? Vader merkte op dat we andere manier moesten zoeken om met de piloot te kunnen communiceren en wat meer van hem te weten te komen. Daarom werd pastoor Hendrik Bijloos erbij gehaald omdat hij wat engels kon. De volgende dag kwam hij langs en er werd moeizaam met de piloot onderhandeld. Hij stelde het ten zeerste op prijs dat wij hem wilde helpen. Maar hou wou zo vlug mogelijk terug in contact komen met de bevrijders. De pastoor wist dat de Engelsen reeds tot in Beringen waren doorgedrongen en dat de Duitsers Koersel reeds verlaten hadden. De bevrijders zouden bovendien een hoofdpost voorzien hebben in Beringen. Toen werd besloten dat ik de volgende dag samen met de piloot naar die hoofdpost te gaan.

De volgende dag maakten wij ons klaar om naar Beringen te gaan. Doch voor zijn vertrek wilde hij iedereen nogmaals uitvoerig bedanken. Hij gaf ons ook zijn burgeradres en vroeg om hem later eens te schrijven. Daarna gaf hij mij zijn pasfoto en de pilotenvleugels die op zijn vest waren gespeld, alsook een van de twee naamplaatjes die hij om zijn hals droeg. Toen heeft hij mijn vader ook een pasfoto van hemzelf gegeven. Daarna vertrokken we.

Onderweg was er een grote bedrijvigheid. Doch toen we aan de Posthoorn kwamen gebeurde er iets onverwacht. Er stonden vele legervoertuigen en de soldaten hadden er zich verdekt opgesteld. We gingen echter niets vermoedend verder. Op enkele tientallen meters afstand barstte   opeens de hel los en werd er van alle zijden geschoten!!! Ik was zo bang en verrast dat ik snel van het onheil wegliep. Even later kwam ik doodsbenauwd terug thuis waar ik gans het verhaal aan mijn ouders vertelde. We waren nu nog niet zeker dat de piloot in veilige handen was. Het conflict aan de Posthoorn was ten gevolge van enkele duitsers die er zich verscholen hielden en door de Engelsen tot overgave gedwongen werden. Er zouden enkele Duitsers het leven verloren hebben en er waren geen verliezen bij de bevrijders wat ons deed vermoeden dat "onze piloot" het er goed vanaf gebracht had.

 

Na de oorlog werd er een onderzoek ingesteld naar ons aandeel in de hulp aan de piloot. Ik heb die man dan ook gevraagd wat er uiteindelijk met de piloot gebeurd was. Enige tijd later kregen we te horen dat hij op 9 september veilig naar Engeland was teruggekeerd. Maar zij wisten ons niet te vertellen wat er verder met hem gebeurd was. Daarna heb ik een brief gestuurd naar de onderzoekscommissie in Brussel die deze brief zouden verder sturen naar zijn thuisadres. Dit was op 3 februari 1946.

Enkele maanden later ontving ik een brief van zijn moeder uit Amerika. Het was echter geen goed nieuws. De piloot die ik geholpen had was op het einde van de oorlog omgekomen. Hoe hij precies is omgekomen weet ik niet maar ik vond het enorm spijtig. Hij was een man vol levensmoed, een jong leven dat de prijs van die domme oorlog met het leven moest bekopen... 

Brief van de moeder van Percy Bingham aan Casemir Bervoets:

14.large.jpg
24.large.jpg

 

   

               

Ik heb net uw brief ontvangen die u naar mijn zoon gezonden hebt.
Het is nu mijn droeve plicht deze te beantwoorden.
Mijn zoon werd gedood in een vliegtuigongeluk op 15 april 1945.
Ik heb uw foto en adres van hem ontvangen. Hij vertelde mij in een brief dat hij u zou schrijven zodra de oorlog zou afgelopen zijn, maar nu is hij dood. Ik zou u al vroeger geschreven hebben. Hij hield van u als een broer. Hij geraakte niet uitgepraat over u en dat goede volk. Ik dank u voor al het goede dat u voor mijn zoon gedaan hebt. Hij zou nu zeker thuis geweest zijn als dat ongeval niet gebeurd was. Hij vloog een P-63 toen hij de dood vond. Hij was alleen in de lucht en niemand kan zeggen waarom het gebeurd is.
Hij vond de dood in het zicht van zijn terugkeer naar huis. Juist enkele dagen voor hij uit het leger ontslagen zou worden. 
Gisteren, 12 mei, was zijn verjaardag. Hij zou 24 jaar geworden zijn als hij nog geleefd had.
Ik ben zo blij dat deze oorlog voorbij is. Ik bid God dat er nooit meer een andere zal komen.
Zovele moeders op de wereld verloren hierdoor hun man, zonen en dochters. Onze harten zijn bedroefd.
Ik weet dat het nog erger is voor die mensen waar de oorlog werd uitgevochten. Maar veel van onze beminden liggen begraven op uw bodem.
Wanneer u deze graven ziet, doe dan een klein gebed voor hen van ons.
Ik dank jullie nogmaals voor uw goedheid ten opzichte van mijn zoon.
 
                             Lt.  Percy Binghams moeder
                             Mevr.  Thomas H. Bingham
                             Quemado   Texas
                             USA
 
P.s.: ik zou nog eens wat van u willen horen als u deze brief ontvangen hebt.
Vertel mij eens, als je er de tijd voor vindt, over uw land en je familie.